Print deze pagina

Prof. F. Kaiser en S.H. de Lange in hun relatie tot de astronomische plaatsbepalingen van omstreeks 1850 in het voormalig Ned. Indië

GS 20, N.D. Haasbroek, Prof. F. Kaiser en S.H. de Lange in hun relatie tot de astronomische plaatsbepalingen van omstreeks 1850 in het voormalig Ned. IndiëProf.dr. F. Kaiser (1808 - 1872)S.H. de Lange (1816 - 1855)

N.D. Haasbroek

Nederlandse Commissie voor Geodesie 20, Delft, 1977. 280 pagina's.
ISBN-13: I978 90 6132 027 2. ISBN-10: 90 6132 027 5.


Inleiding

Sedert ongeveer tien jaar bevindt zich in het archief van de Rijkscommissie voor Geodesie te Delft een collectie van 208 brieven en rekeningen verzonden door of gericht aan de beroemde astronoom en directeur van de Leidse Sterrenwacht prof.dr. F. Kaiser (1808-1872). Na diens dood is de collectie bijna een eeuw aan de sterrenwacht bewaard gebleven, waarna ze aan de Rijkscommissie voor Geodesie is geschonken. Alle brieven hebben betrekking op eenzelfde onderwerp, nl. de voorbereiding tot en de uitvoering van astronomische plaatsbepalingen in het Ned. Indië van circa 1850. Ze zijn gedateerd tussen 1844 en 1857 over een periode onmiddellijk voorafgaande aan de benoeming (in 1857) van prof.dr. J.A.C. Oudemans tot hoofd van de dienst die met deze astronomische plaatsbepalingen was belas t. De brieven kunnen worden verdeeld in de volgende zes rubrieken:

  • Van de minister van Koloniën (onder wiens departement Ned. Indië ressorteerde) aan prof. Kaiser. Ze zijn genummerd Ko-Ka Nrs. 1 t/m 59;
  • Van prof. Kaiser aan de minister van Koloniën. Ze zijn genummerd Ka-Ko Nrs. 1 t/m 48;
  • Van S.H. de Lange (die, als uitvoerder van de metingen, met de uitzending naar Indië werd belast) aan prof. Kaiser (L-Ka Nrs. 1 t/m 56);
  • Van prof. Kaiser aan S.H. de Lange, genummerd Ka-L Nrs. 1 t/m 4;
  • Diversen, genummerd D Nrs. 1 t/m 31;
  • Rekeningen, genummerd R Nrs. 1 t/m 10.

Die genoemd onder 2. en 4. zijn de kladteksten van Kaisers brieven aan de minister van Koloniën en aan De Lange. Ze zijn in Kaisers zeer slechte handschrift, voorzien van een groot aantal doorhalingen en veranderingen. Het lezen van die brieven i s daardoor vaak een zeer moeilijke opgave. Een aantal ervan heb ik met aantekeningen in de tekst moeten verduidelijken; andere brieven heb ik zelfs geheel moeten overschrijven, daarbij vaak radende naar Kaisers bedoelingen. De leesbaarheid van de brieven vermeld onder 3. gaf soms moeilijkheden als De Lange, ter besparing op de hoge portokosten, het dunne mailpapier waarop zijn brieven uit Indië zijn geschreven (L-Ka Nrs. 33 t/m 56) aan beide zijden heeft gebruikt.

De heer N. van der Schraaf, adjunct-secretaris van de Rijkscommissie voor Geodesie, heeft mij aangespoord om van de inhoud van de brieven kennis te nemen en ze, zo mogelijk, in een publikatie over bovengenoemde astronomische plaatsbepalingen in 'Nederlandsch Indië' te verwerken. Ik heb daar zeker niet onmiddellijk "ja" op gezegd, voornamelijk omdat De Lange in de korte tijd die hij in Indië werkzaam i s geweest door allerlei oorzaken - ik kom daar nader op terug - op zijn vakgebied betrekkelijk weinig heeft gepresteerd. En voor een geodeet lijkt het noodzakelijk allereerst technische prestaties aan een onderzoek te onderwerpen. Als men echter de brieven goed op zich laat inwerken dan wordt men, veel meer dan door de technische zaken die er in worden behandeld, getroffen door het beeld dat ze oproepen van de tijd toen "Nederlandsch Indië" met een zeilschip meer dan honderd dagen van het vaderland verwijderd lag en een brief met de snelste verbinding (over land mail) verzonden, er gemiddeld 57 dagen over deed om van Amsterdam naar Batavia te komen. Ook menselijke roerselen komen in de brieven zeer vaak tot uiting, in de correspondentie tussen De Lange en Kaiser uiteraard veel meer dan in de ambtelijke briefwisseling tussen Koloniën en Kaiser.


Inhoudsopgave

  • Summary
  • Inleiding  5
  • Kaisers levensbeschrijving  10
  • De Langes levensbeschrijving tot maart 1848 en zijn contacten tot dat tijdstip met Kaiser  21
  • De Langes memorandum aan de minister van Koloniën over de verbetering van de zeekaarten "in de Oost-lndische vaarwaters"; gevoerde correspondentie naar aanleiding van dit memorandum, uitmondende in de Langes benoeming tot geografisch ingenieur; zijn verblijf aan de Leidse Sterrenwacht van medio oktober 1849 tot medio september 1850 en zijn vertrek naar Indië op 2 oktober 1850  33
  • Instrumenten voor de astronomische metingen aangeschaft en Kaisers verantwoording van de keuze van die instrumenten in zijn "Sterrekundige plaatsbepaling"  55
  • De Langes werkzaamheden in Batavia van 17 januari 1851 tot 23 januari 1852  79
  • De Langes reis van Batavia, via Makassar, Bouton, Batjan en Ternate naar Kema (Celebes) van 23 januari tot 17 maart 1852. Zijn verblijf op Celebes, zijn werkzaamheden daar en zijn terugkeer naar Batavia in maart 1853  110
  • De Langes werkzaamheden in Batavia en de residentie Cheribon van maart 1853 tot december 1854 en de kritiek die daarop door Kaiser is geleverd; zijn ziekte en zijn dood op 29 mei 1855  143
  • Resultaten van de uitgevoerde lengte- en breedtebepalingen in de Minahassa van Menado (Celebes) en Batavia  185
  • Kaisers bemoeiing met de astronomische plaatsbepaling in Indië tussen S.H. de Langes dood in mei 1855 en Oudemans' benoeming tot hoofdingenieur van de geografische dienst in mei 1857 224
  • Bronvermelding  252
  • Namen- en zakenregister  271